Worden er Air Miles gespaard?

Vanochtend was ik bij de Etos. Bij het afrekenen vroeg de vriendelijke caissière aan mij:

“Worden er Air Miles gespaard?”

Zei ze dat nou echt? Ik probeerde de scenario’s na te gaan die haar aanleiding konden geven om dat zo te formuleren. Vond ze me leeftijdloos en wilde ze een je/u-schaamtemoment vermijden? Heeft ze dat geleerd in haar laatste klantvriendelijkheidstraining? Moet ze dat van AirMiles omdat ze daar hebben uitgezocht dat veel mensen voor iemand anders Air Miles sparen, waardoor “Spaart u Air Miles?” vaak net naast de realiteit is?

Ik kon het niet nalaten het te vragen. Zo vriendelijk mogelijk, want ik wilde haar niet het gevoel geven dat ik haar kritiek gaf (wilde ik ook niet).

“Eh, nee, dat doe ik niet bewust.”

Ik liep de winkel uit. Niets wijzer maar toch tevreden want met mijn armen vol afgeprijsde Nivea-spulletjes.

(Mijn gok is dat ze ergens opgepikt heeft dat de lijdende vorm beleefd of netjes of zoiets is. En dat ze hem daardoor onbewust gebruikt waar dat totaal niet relevant is. Jazelfs een beetje raar.)

Uitzending gemist

Ik zal je uitleggen waarom ik een moeizame relatie met Uitzending gemist heb.

Soms zet ik de televisie aan en val ik in een programma en ga ik *niet* zappen. Ik blijf hangen en kijk het geboeid uit. Vaak blijkt het een aflevering uit een serie. Vroeger dacht ik dan: “Jammer dat ik de eerdere afleveringen niet gezien heb, maar vanaf nu neem ik het op met mijn videorecorder.” Dat laatste doe ik nog steeds (digitaal inmiddels, niet meer op VHS). Maar die eerdere afleveringen, die zijn er nu natuurlijk nog! Dankzij het immer uitdijende stuwmeer aan televisieprogramma’s dat Uitzending gemist heet.

Mooi, snel de computer erbij gepakt. Heerlijk, de digitale snelweg. Ik heb Uitzending gemist lief, want ik hoef met terugwerkende kracht niets te missen van mijn nieuwe favoriete programma.

Maar wat blijkt dan, en misschien deel je deze ervaring: ik heb al 22 afleveringen van elk 35 minuten gemist! Niet alleen de 6 van dit seizoen, maar ook de 14 van de afgelopen twee seizoenen. Toen ik het bestaan van het programma niet kende.  Ineens loop ik 13 uur televisie achter! Want ik moet en zal ze wel allemaal zien.

Was ik net nog zo gelukkig dat ik een mooi nieuw televisieprogramma ontdekt had, nu zit ik in de put omdat ik de direct ontstane achterstand nooit meer in zal halen. Want volgende week ontdek ik vast weer een nieuw favoriet programma, waar ik 18 afleveringen van drie kwartier van blijk te hebben gemist. En o ja, een tijdje geleden ben ik blijven steken op de helft van een andere serie. Tel dus maar 5 uur bij die achterstand op.

Ik ga maar een stukje schrijven. En daarna verder lezen in mijn boek. Want daar staan er ook nog 70 van ongelezen op mijn e-reader, en 1200 op mijn computer…

(Gelukkig dat we tot nu toe maar drie Willems hadden. Dat maakt deze serie in elk geval haalbaar)

Een mannetje van de Nuon aan de deur. Of niet?

Er staat een meneer van Nuon aan de deur. “U wilt toch ook minder betalen voor uw gas en stroom?” Uh-huh. Alarmbellen. “Bij Nuon krijgt u 20% korting en dat scheelt u al snel 150 tot 200 euro per jaar. Als u een jaarrekening van uw huidige leverancier hebt, reken ik het even voor u uit”. Nou okee, kom maar even binnen dan.

“Aha u speelt gitaar? En u bent wel van de jaren tachtig [ziet platen]. Doe Maar. Die hadden toch onlangs een reünietour? Kijk zo-een [wijst op computer] heb ik er ook”. Hij spit mijn Oxxio-afrekening door: “Ja ze doen er alles aan om het zo onduidelijk mogelijk te maken. Kunt u niet even inloggen op de Oxxio-site?” Zelfs daarin stem ik toe. Uiteindelijk heeft hij de tarieven gevonden en slaat aan het rekenen met pen, papier en rekenmachine. Hij goochelt met piek- en daltarieven. Met een bijna satanisch genoegen zie ik het eindbedrag ontstaan. En hij verbergt zijn beteutering als onder de streep een verschil van 30 euro op jaarbasis staat. Helaas, daarvoor stap ik niet over. “Ja maar je moet [hij zei echt ‘moet’] toch elke korting pakken die je kunt pakken”. Weet u hoeveel tijd (= geld) ik de afgelopen jaren al bespaard heb door NIET de hele tijd ondoorgrondelijke tariefoverzichten te vergelijken voor een paar euro korting. “Okee, dan dank ik u voor uw tijd. Ik wens u nog een fijne avond. Leuk huisje hebt u hier trouwens.” Ja zeker, lekker klein, dat scheelt in de energiekosten. Fijne avond!

Tien minuten later belt de overbuurvrouw aan: “Is die man bij jou ook aan de deur geweest. Ik vertrouw het niet. Hij komt hier zomaar binnenlopen, laat even snel een vaag ID-pasje zien, maakt opmerkingen over de dingen hier in huis. We gaan uit eten, misschien kun jij de boel een beetje in de gaten houden.”

Pas dan besef ik dat het inderdaad wel raar was. Dat ID-pasje duwde hij mij ook onder de neus. Zo snel dat ik wel zag dat het een vaag ding was maar geen tijd had er verder bij stil te staan. En hij heeft feitelijk ongevraagd eens lekker in mijn huis kunnen rondkijken. Ook zo’n leuk detail dat me nu weer te binnen schiet: “Waar heb ik nu mijn pen? Ja ik moet alles met zwarte pen invullen, anders kan de computer in China het niet lezen”. En dat ging over een formulier met huisnummers waarop hij aankruiste dat hij bij mij langsgeweest was (“zodat ik u niet meer hoef te stalken”).

Morgen maar even naar Nuon bellen of dit in de haak is…. en in de tussentijd alle sloten op de voordeur op scherp.

Praag in 10 hoogtepunten

Ik ben alweer een tijdje terug van mijn heldentocht Praag – Utrecht, maar ik wil je niet de hoogtepunten van Praag onthouden. Ik heb daar namelijk, net als in Barcelona en Berlijn, een hele agenda afgewerkt.

Wat moet je echt doen in Praag (met name als je georiënteerd bent op communisme en Tweede Wereldoorlog)?

  1. Museum of Communism. Het is weggestopt in een winkelstraat, maar als je het eenmaal gevonden hebt, gaat er een wereld open. Een beetje stoffig, maar volledig en goed gedocumenteerd. Neem vooral het setje van 10 ansichtkaarten mee. Met humorrijke toespelingen op een verloren tijd.
  2. Kathedraal van St. Cyril en Methodius. Hier, in de crypte, vochten de moordenaars van een der naarste SS’ers Heydrich (bijnaam: de Slager van Praag) vergeefs tegen hun Duitse omsingelaars. Lees bijvoorbeeld HhhH van Laurent Binet voor het hele, indrukwekkende verhaal.
  3. Museum van het Tsjechisch kubisme. Klein museum, gevestigd in het enige kubistische gebouw ter wereld. Mooie collectie schilderijen, beeldhouwwerk en meubels. Het houten bureau had ik zo in mijn binnenzak willen stoppen.

  4. Žižkov-televisietoren. Op het eerste gezicht een wanstaltig lelijk ding, maar ik viel er toch meteen voor. Oordeel zelf maar.
  5. De metro. De Praagse metro ligt diep en heeft een aantal mooie stations.
  6. Het Intercontinental Hotel. Een vrij lelijk, en daardoor intrigerend hotel, want gebouwd als hoogtepunt van communistische architectuur. Hier ontving het regime hoge buitenlandse gasten, en het was dan ook niet toevallig dat ertegenover een kantoor van de geheime dienst was gevestigd.
  7. Petřínská rozhledna: een remake van de Eiffeltoren op het hoogste punt in het park Petřín. Is een grappig ding en biedt een mooi uitzicht over de stad.
  8. Funiculaire. Vanaf de top van het Petřín-park kun je met een funiculaire naar beneden. Altijd een leuke belevenis. En doet natuurlijk ook aan Parijs denken.
  9. Staroměstské náměstí. Het centrale plein van de stad. Heel veel toeristen, die bijvoorbeeld naar het astronomisch uurwerk komen kijken dat eens per uur een kunstje doet. Niet zo aan mij besteed. Het standbeeld van de beroemde Tsjechische middeleeuwer Jan Hus is wel mooi.
  10. Karlův most. Over deze brug heeft iedereen het, vanwege de standbeelden waarmee hij gelardeerd is. Maar ik zag de standbeelden bijna niet door de hoeveelheid mensen op de brug. Snel overheengelopen en verder gegaan, maar op zich wel een must.

vol op het orgel

Gisteren gebeurde het me voor de tweede keer: ik stond voor de deur bij Tivoli aan de Oude Gracht, terwijl ik bij Tivoli De Helling moest zijn. Snel er naartoe gelopen, om niets te missen van Orgel Vreten. Het plan om dit concert te bezoeken ontstond bijna toevallig, dankzij Teknopipo, maar was een spreekwoordelijk schot in de roos.

Voor 12 euro (daar krijg je een kwartiertje Prince of Paul McCartney voor…) heb ik twee uur staan genieten van twee heel dikke Hammondorgels, en met name van de twee mannen die daarop een battle “uitvochten”. De politiek beladen term “vol op het orgel gaan” kreeg ineens een bijzondere,  letterlijke dimensie. Samen met een bassist en een drummer speelden ze lange, meestal geheel instrumentale nummers. Allemaal even spannend, afwisselend en energiek. Waarbij Robin Piso soms half over de orgels klom om op Thijs Schrijnemakers’ toetsenbord mee te spelen.

De drummer ging de strijd aan met een hele ouwe drumcomputer. En won glansrijk. En de bassist…. die had de hele avond een Höfner-basgitaar, beroemd geworden door Paul McCartney, op het podium staan. Netjes in een houder. “Misschien spelen ze wel een Beatles-nummer straks,” dacht ik stiekem. “Nee joh, alsof je alleen Beatles-nummers kan spelen op zo’n ding,” temperde ik mijn verwachting. Maar uiteindelijk, in de toegift, ja hoor: het grootse en meeslepende I want you (she’s so heavy). Dat was een fijne toef slagroom op de taart.

Ik was eerder op de avond overduidelijk aan het juiste adres bij (het grotere) Tivoli Oude Gracht. Daar hadden deze mannen horen te staan. Als je ze nog kunt gaan zien, ga ze zien.